Van Wiechenonderzoek: wat het consultatiebureau al vroeg ziet

31-10-2026 door de redactie

Op het consultatiebureau kijkt de jeugdarts of jeugdverpleegkundige bij elk bezoek hoe je kind zich ontwikkelt: kan het al zitten, brabbelen, een blokje oppakken? Dat heet het Van Wiechenonderzoek. Een nieuwe Nederlandse studie, verschenen op 14 oktober 2026, laat zien dat die kleine observaties tussen 12 en 45 maanden veel zeggen over de latere schoolloopbaan. Wij lazen het onderzoek en leggen uit wat het betekent, en waarom het juist geruststellend kan zijn.

Het onderzoek in het kort
  • Onderzoekers van TNO Child Health en de gemeente Utrecht keken naar gegevens uit het digitale JGZ-dossier van Utrecht (2008 tot 2016).
  • Ze vergeleken 30.579 kinderen in het reguliere onderwijs met 1.055 kinderen in het speciaal (basis)onderwijs.
  • Onderzocht werden de Van Wiechen-kenmerken tussen 12 en 45 maanden.
  • Die kenmerken voorspelden samen met andere gegevens goed welke kinderen later naar het speciaal basisonderwijs of cluster 2 en 3 gingen.
  • Plaatsing in cluster 4 (onder meer voor gedrags- en psychiatrische problemen) werd niet goed voorspeld.

Wat is het Van Wiechenonderzoek?

Het Van Wiechenonderzoek is in Nederland de standaard om de ontwikkeling van kinderen van 0 tot 4 jaar te volgen. Bij elk bezoek aan het consultatiebureau bekijken de jeugdarts of jeugdverpleegkundige een aantal vaste kenmerken: kleine vaardigheden op het gebied van motoriek, taal, spel en contact. Zo kunnen ze ontwikkelingsproblemen op tijd opmerken en met ouders bespreken. Ouders en professionals vullen elkaar daarbij aan: jij bent de expert van je kind, zij kennen de ontwikkeling van alle kinderen.

Meer over het Van Wiechenonderzoek

Wat vonden de onderzoekers?

Veertien Van Wiechen-kenmerken samen met het opleidingsniveau van de ouders voorspelden zeer goed welke kinderen later naar het speciaal basisonderwijs gingen. Ook voor cluster 2 (onder meer voor kinderen met een taalontwikkelingsstoornis of gehoorproblemen) en cluster 3 (onder meer voor kinderen met een verstandelijke of lichamelijke beperking) was de voorspelling sterk. Voor cluster 4 lukte dat niet goed. De onderzoekers concluderen dat de kenmerken op de leeftijd van 12 tot 45 maanden een belangrijke bijdrage leveren aan het vroeg herkennen van kinderen die later extra ondersteuning nodig hebben.

Waarom is dit goed nieuws?

Tijdig handelen bij een ontwikkelingsachterstand helpt kinderen om hun mogelijkheden zo goed mogelijk te benutten. Het onderzoek laat zien dat de korte observaties op het consultatiebureau daar echt aan bijdragen. Belangrijk: het gaat om een voorspelling op groepsniveau. Een kenmerk dat je kind nog niet beheerst, betekent niet dat het later speciaal onderwijs nodig heeft. Kinderen ontwikkelen zich in hun eigen tempo, en ook een voorsprong of een tijdelijke achterstand komt voor.

Tips voor het bezoek aan het consultatiebureau
  • Sla de afspraken niet over, ook niet als alles goed lijkt te gaan.
  • Vertel wat je thuis ziet: jij kent je kind het best.
  • Vraag gerust wat een bepaald kenmerk betekent als je kind het (nog) niet doet.
  • Twijfel je tussen twee afspraken door? Bel het consultatiebureau of de jeugdverpleegkundige.
  • In Vlaanderen volgt Kind en Gezin de groei en ontwikkeling van je kind op het consultatiebureau.

Opvolging van de ontwikkeling bij Kind en Gezin

Lees ook ons artikel over de KOALA-screening in de kleuterklas, over Kansrijke Start en de eerste 1000 dagen en over gebaren en de taalontwikkeling van baby's.

Lees het onderzoek

Bron: Van Dommelen, Van Buren, Eekhout en Verkerk, Van Wiechenkenmerken dragen bij aan het identificeren van kinderen die later speciaal (basis)onderwijs nodig hebben, JGZ Tijdschrift voor jeugdgezondheidszorg, 14 oktober 2026; uitleg over het Van Wiechenonderzoek van het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid (NCJ). De omschrijving van de clusters is een vereenvoudiging. Foto: Shixart1985 via Wikimedia Commons (CC BY 2.0).

Reacties

Wat andere ouders zeggen over dit artikel

Nog geen reacties. Wees de eerste om te reageren na inloggen.

Veelgestelde vragen

Bij dit artikel

  • Het Van Wiechenonderzoek is in Nederland de standaard om de ontwikkeling van kinderen van 0 tot 4 jaar te volgen op het consultatiebureau. De jeugdarts of jeugdverpleegkundige kijkt bij elk bezoek naar vaste kenmerken, zoals motoriek, taal en contact.

  • Het onderzoek van TNO Child Health en de gemeente Utrecht, gepubliceerd op 14 oktober 2026, laat zien dat Van Wiechen-kenmerken tussen 12 en 45 maanden goed voorspellen welke kinderen later speciaal basisonderwijs of cluster 2 of 3 onderwijs nodig hebben. Voor cluster 4 werkte de voorspelling niet goed.

  • Niet meteen. Het gaat om voorspellingen op groepsniveau en kinderen ontwikkelen zich in hun eigen tempo. Bespreek je vragen met de jeugdarts of jeugdverpleegkundige.

  • De onderzoekers gebruikten gegevens van 30.579 kinderen in het reguliere onderwijs en 1.055 kinderen in het speciaal (basis)onderwijs uit Utrecht, over de periode 2008 tot 2016.

  • Ja. In Vlaanderen volgt Kind en Gezin de groei en ontwikkeling van jonge kinderen op het consultatiebureau.

Meer uit Opvoeding & ontwikkeling